Sini's Dizzie (31)
Naam: Nico
Woonplaats: Provincie Groningen
Leeftijd: 53 jaar
Favoriete bezigheden: Lezen, lezen en lezen Grote favoriet is Proust, en meteen daarna Borges die uit voorzorg niet in mijn top tien staat , omdat ik dan alles van hem had moeten opnemen Favoriete Nederlandse schrijvers zijn Vestdijk en Mulisch
Woonplaats: Provincie Groningen
Leeftijd: 53 jaar
Favoriete bezigheden: Lezen, lezen en lezen Grote favoriet is Proust, en meteen daarna Borges die uit voorzorg niet in mijn top tien staat , omdat ik dan alles van hem had moeten opnemen Favoriete Nederlandse schrijvers zijn Vestdijk en Mulisch
Vrienden: 31
Geplaatste reacties: 220
Toegevoegd: 137 boeken
Aantal stemmen: 238 keer gestemd
Dizzie sinds: 30-04-2010, 19:01:38
Ik lees nu: Laszlo Krasznahorkai, Satanstango
Geplaatste reacties: 220
Toegevoegd: 137 boeken
Aantal stemmen: 238 keer gestemd
Dizzie sinds: 30-04-2010, 19:01:38
Ik lees nu: Laszlo Krasznahorkai, Satanstango
Sini's Blog
Tja, de Nobelprijs.....
11-10-2012 om 18:25:19
En wie kent eigenlijk Mo Yan?
Ik zie net dat Mo Yan de Nobelprijs voor literatuur 2012 gewonnen heeft. Geen verrassing, want hij stond hoog in de polls, maar ik ken de goede man in het geheel niet. Ik weet dat sommige van zijn boeken ( Rode korenvelden bijvoorbeeld) tot mooie films hebben geleid, ik weet dat hij traditioneel schrijft met magisch realistische trekjes en met meer gevoel voor sfeer dan voor plot, ik las net ook dat hij door Faulkner en Marquez is beinvloed, en dat is het dan.
Ik heb dat vaker gehad: van Saramago, Szymborska en Herta Muller had ik toen ze de prijs wonnen ook nog nooit gehoord. Maar dat veranderde snel, en zeer tot mijn genoegen, want ik heb zwaar van hun boeken genoten. Om de een of andere reden echter voel ik bij Mo Yan niet zo de neiging om zijn boeken nader te onderzoeken. Tot mijn nadeel, wellicht, maar that's it.
Ik kijk toch al wat weifelend tegen die prijs aan. Zo is er een rij giganten die volkomen ten onrechte die prijs nooit heeft gewonnen: Proust, Borges, Joseph Roth, Musil, Joyce, Nabokov, Gombrowicz, Updike, Mishima, Kavafis, Yourcenar, Vestdijk, Rilke, Kis, Zbigniew Herbert en ga zo maar door. Dan is er nog een rijtje dat de prijs nog zou kunnen krijgen maar veel te lang (en mogelijk vergeefs) moet wachten: Philip Roth, Kundera, Kadare, Alice Munro, Pynchon, en ga zo maar door. Voorts zitten er tussen de winnaars in mijn beleving een paar ongelofelijke prutsers, zoals Seifert en Dario Fo.
Maar ja, aan de andere kant zijn er ook geweldige winnaars, zoals Mann, Faulkner, Laxness, Canetti, Grass, Gide, Kertesz, Marquez, Beckett, Hamsun, Camus, Kawabata, Sartre. Ik heb gejubeld bij de prijzen van Paz, Pamuk, Coetzee en Vargas Llosa. En ik heb door die prijs dus kennis gemaakt met een aantal nieuwe auteurs (zie boven). Bovendien is het elk jaar weer leuk om de discussies te volgen over wie de prijs ZOU MOETEN winnen en waarom. Want door die discussies ga je weer nadenken over welke boeken je zelf mooi vindt en om welke redenen dat zo is.
Kortom: ik ben niet van plan alles rondom die Nobelprijs helemaal serieus te nemen, en de jury neemt soms maffe beslissingen. Maar toch is het mooi dat die prijs er is. Melden
Ik heb dat vaker gehad: van Saramago, Szymborska en Herta Muller had ik toen ze de prijs wonnen ook nog nooit gehoord. Maar dat veranderde snel, en zeer tot mijn genoegen, want ik heb zwaar van hun boeken genoten. Om de een of andere reden echter voel ik bij Mo Yan niet zo de neiging om zijn boeken nader te onderzoeken. Tot mijn nadeel, wellicht, maar that's it.
Ik kijk toch al wat weifelend tegen die prijs aan. Zo is er een rij giganten die volkomen ten onrechte die prijs nooit heeft gewonnen: Proust, Borges, Joseph Roth, Musil, Joyce, Nabokov, Gombrowicz, Updike, Mishima, Kavafis, Yourcenar, Vestdijk, Rilke, Kis, Zbigniew Herbert en ga zo maar door. Dan is er nog een rijtje dat de prijs nog zou kunnen krijgen maar veel te lang (en mogelijk vergeefs) moet wachten: Philip Roth, Kundera, Kadare, Alice Munro, Pynchon, en ga zo maar door. Voorts zitten er tussen de winnaars in mijn beleving een paar ongelofelijke prutsers, zoals Seifert en Dario Fo.
Maar ja, aan de andere kant zijn er ook geweldige winnaars, zoals Mann, Faulkner, Laxness, Canetti, Grass, Gide, Kertesz, Marquez, Beckett, Hamsun, Camus, Kawabata, Sartre. Ik heb gejubeld bij de prijzen van Paz, Pamuk, Coetzee en Vargas Llosa. En ik heb door die prijs dus kennis gemaakt met een aantal nieuwe auteurs (zie boven). Bovendien is het elk jaar weer leuk om de discussies te volgen over wie de prijs ZOU MOETEN winnen en waarom. Want door die discussies ga je weer nadenken over welke boeken je zelf mooi vindt en om welke redenen dat zo is.
Kortom: ik ben niet van plan alles rondom die Nobelprijs helemaal serieus te nemen, en de jury neemt soms maffe beslissingen. Maar toch is het mooi dat die prijs er is. Melden
Waarom ik sommige gedichten mooi vind
08-09-2012 om 21:04:42
Op verzoek van Prowisorio
Met Prowisorio krabbelde ik wat over gedichten, en ze vond dat ik een van die krabbels als blog moets vereeuwigen omdat er zo'n mooi poeziefragment in stond. Bij deze.
Het heeft allemaal te maken met het feit dat ik zeer genieten van dichtregels die ik niet of in elk geval niet HELEMAAL begrijp. Want in gedichten (althans, gedichten die ik mooi vind) gaat het om veel meer dan rationeel begrip alleen. Even een voorbeeld: een paar regels uit 'De fuut', uit De stilte van de wereld voor Bach van Lars Gustafsson. Die regels gaan over een fuut die in het water duikt, en zijn vlucht onder water vervolgt, wat dan aanleiding is tot de volgende mijmering:
'Vaak heb ik gewenst
hem ook op zijn andere vlucht
te kunnen volgen.
Ziet hij de waterspiegel
als een tweede hemel?
Hoe gaan zijn zware vleugelslagen onder water?
Denkt hij dezelfde vogel te zijn
in twee gescheiden ruimtes?
De ene beheerst door windvlagen
de andere door koele onderstromen?
(.....) Of denkt hij
twee vogels te zijn
elkaar een ogenblik ontmoetend
op de duizelingwekkende en stomme waterspiegelgrens?'
Een gedicht vol vraagtekens, vol regelafbrekingen of stukken wit, en dit vind ik dan echt prachtige regels. En dat prachtige wordt juist gevoed door het feit dat ik ze NIET helemaal begrijp en NIET precies kan parafraseren of duiden wat hier staat. Tsja, ik kan bedenken dat ook de mens a.h.w. in meerdere werelden kan leven (de lichamelijke en de geestelijke, de feitelijke en de imaginaire, etc), en dat deze regels een beeld zijn voor precies die toestand. Maar zo'n parafrase dekt niet de hele schoonheid van die regels. Die schoonheid wordt ook bepaald dat je a.h.w. voor je ziet - of zelfs voelt- hoe zo'n fuut onder het water verdwijnt en dat je (nou ja, ik) door dat (ingebeelde) tafereel getroffen wordt. Even meen ik zelfs de koelte van het water te voelen zoals die fuut die moet voelen, en de totale verandering van geluid te horen zoals die fuut die onder water moet horen. Dat soort associaties maken allemaal deel uit van de ervaring die dat gedicht teweeg brengt, maar dan gaat het m.i. minder om begrip dan om gevoel. Ook van belang is dat er in dit gedicht allemaal vragen worden gesteld zonder antwoord, zodat je achterblijft met een bepaald gevoel van verwondering. Of, anders gezegd, met het gevoel dat het gedicht je iets laat zien maar tegelijk iets verhult. Of, nog weer anders gezegd, dat die regels om iets heen draaien dat op het punt staat zich te openbaren maar zich niet openbaart. Wat door die regelafbrekingen en stukken wit nog wordt gestimuleerd: daar stokt even de soepel lopende zin, daar stokt even het aaneensluitende betoog, en juist DAT heeft, op mij althans, extra effect.
Men kan zich ook voorstellen dat een scene als deze net zo poetisch is beschreven in een roman. In Jacob de Zoet van Mitchell staan bijvoorbeeld tientallen van dit soort taferelen. Alleen, een roman (of verhaal) gaat daarna weer verder met de vertelling, terwijl een gedicht zich puur kan concentreren op het zo verwonderlijke motief van die fuut in zijn twee werelden. In een roman zou er ook niet met zulke regelafbrekingen worden gewerkt, en zou er na een passage met allemaal open vragen weer gewoon verder gegaan worden met het verhaal. Terwijl dit gedicht zich op de regelafbrekingen en open vragen concentreert, en daardoor beduidend nadrukkelijk inspeelt op de verwondering.
Ongeveer zoiets bedoelde ik met mijn opmerking (in een krabbel aan Prowisorio)dat ik gedichten intuitief lees. Misschien had ik beter kunnen zeggen dat gedichten een bepaalde aandacht en gevoeligheid vragen. Maar hoe dan ook denk ik dat het bij gedichten niet gaat om 'begrijpen' alleen: er bestaan prachtige studies waarin allerlei verborgen betekenissen van b.v. Rilke of Wallace Stevens worden opgespoord, maar ook die studies laten stukjes van die gedichten raadselachtig en onverklaard. En om DIE stukjes draait het volgens mij nu juist: de schoonheid van gedichten ligt voor mij in het onverklaarde, het ononthulde, het onophefbare raadsel.
Kijk, daar hou ik dus van. Melden
Het heeft allemaal te maken met het feit dat ik zeer genieten van dichtregels die ik niet of in elk geval niet HELEMAAL begrijp. Want in gedichten (althans, gedichten die ik mooi vind) gaat het om veel meer dan rationeel begrip alleen. Even een voorbeeld: een paar regels uit 'De fuut', uit De stilte van de wereld voor Bach van Lars Gustafsson. Die regels gaan over een fuut die in het water duikt, en zijn vlucht onder water vervolgt, wat dan aanleiding is tot de volgende mijmering:
'Vaak heb ik gewenst
hem ook op zijn andere vlucht
te kunnen volgen.
Ziet hij de waterspiegel
als een tweede hemel?
Hoe gaan zijn zware vleugelslagen onder water?
Denkt hij dezelfde vogel te zijn
in twee gescheiden ruimtes?
De ene beheerst door windvlagen
de andere door koele onderstromen?
(.....) Of denkt hij
twee vogels te zijn
elkaar een ogenblik ontmoetend
op de duizelingwekkende en stomme waterspiegelgrens?'
Een gedicht vol vraagtekens, vol regelafbrekingen of stukken wit, en dit vind ik dan echt prachtige regels. En dat prachtige wordt juist gevoed door het feit dat ik ze NIET helemaal begrijp en NIET precies kan parafraseren of duiden wat hier staat. Tsja, ik kan bedenken dat ook de mens a.h.w. in meerdere werelden kan leven (de lichamelijke en de geestelijke, de feitelijke en de imaginaire, etc), en dat deze regels een beeld zijn voor precies die toestand. Maar zo'n parafrase dekt niet de hele schoonheid van die regels. Die schoonheid wordt ook bepaald dat je a.h.w. voor je ziet - of zelfs voelt- hoe zo'n fuut onder het water verdwijnt en dat je (nou ja, ik) door dat (ingebeelde) tafereel getroffen wordt. Even meen ik zelfs de koelte van het water te voelen zoals die fuut die moet voelen, en de totale verandering van geluid te horen zoals die fuut die onder water moet horen. Dat soort associaties maken allemaal deel uit van de ervaring die dat gedicht teweeg brengt, maar dan gaat het m.i. minder om begrip dan om gevoel. Ook van belang is dat er in dit gedicht allemaal vragen worden gesteld zonder antwoord, zodat je achterblijft met een bepaald gevoel van verwondering. Of, anders gezegd, met het gevoel dat het gedicht je iets laat zien maar tegelijk iets verhult. Of, nog weer anders gezegd, dat die regels om iets heen draaien dat op het punt staat zich te openbaren maar zich niet openbaart. Wat door die regelafbrekingen en stukken wit nog wordt gestimuleerd: daar stokt even de soepel lopende zin, daar stokt even het aaneensluitende betoog, en juist DAT heeft, op mij althans, extra effect.
Men kan zich ook voorstellen dat een scene als deze net zo poetisch is beschreven in een roman. In Jacob de Zoet van Mitchell staan bijvoorbeeld tientallen van dit soort taferelen. Alleen, een roman (of verhaal) gaat daarna weer verder met de vertelling, terwijl een gedicht zich puur kan concentreren op het zo verwonderlijke motief van die fuut in zijn twee werelden. In een roman zou er ook niet met zulke regelafbrekingen worden gewerkt, en zou er na een passage met allemaal open vragen weer gewoon verder gegaan worden met het verhaal. Terwijl dit gedicht zich op de regelafbrekingen en open vragen concentreert, en daardoor beduidend nadrukkelijk inspeelt op de verwondering.
Ongeveer zoiets bedoelde ik met mijn opmerking (in een krabbel aan Prowisorio)dat ik gedichten intuitief lees. Misschien had ik beter kunnen zeggen dat gedichten een bepaalde aandacht en gevoeligheid vragen. Maar hoe dan ook denk ik dat het bij gedichten niet gaat om 'begrijpen' alleen: er bestaan prachtige studies waarin allerlei verborgen betekenissen van b.v. Rilke of Wallace Stevens worden opgespoord, maar ook die studies laten stukjes van die gedichten raadselachtig en onverklaard. En om DIE stukjes draait het volgens mij nu juist: de schoonheid van gedichten ligt voor mij in het onverklaarde, het ononthulde, het onophefbare raadsel.
Kijk, daar hou ik dus van. Melden
Voor mijn Dizziedin!
27-08-2012 om 13:03:47
Sterkte!
Zet hem op, Dizziedin!
Door mijn spreekwoordelijke onhandigheid met downloaden van plaatjes lukt het mij niet een bloemetje hier neer te zetten, maar de wens is niet minder welgemeend! Melden
Door mijn spreekwoordelijke onhandigheid met downloaden van plaatjes lukt het mij niet een bloemetje hier neer te zetten, maar de wens is niet minder welgemeend! Melden
Nogmaals: Aleksandar Tišma
19-06-2012 om 08:43:46
Een gruwelijk en groot schrijver
Op 30 april schreef ik een juichende blog over Aleksandar Tišma, naar aanleiding van twee van zijn boeken. Inmiddels heb ik ook Argwaan en vertrouwen, De school van de goodeloosheid en De Kapo gelezen. Schitterend wederom, en reden genoeg voor een aanvullende blog.
In mijn eerdere blog schreef ik al dat Tišma heel genuanceerd en invoelbaar schrijft over zowel beulen als slachtoffers, zodat 'goed' en 'kwaad' uitermate relatieve begrippen worden. In vooral De school van de goddeloosheid en De Kapo doet hij dat opnieuw, met werkelijk genadeloze precisie en diepgang. Het titelverhaal uit De school van de goddeloosheid is zo'n beetje het meest ijzingwekkende verhaal dat ik ken, omdat het een martelaar en beul van binnenuit beschrijft en ons helemaal onderdompelt in de gruwelen die hij veroorzaakt en de vertwijfeling in zijn eigen hoofd. Vertwijfeling die culmineert in een barok gebed tot God, waarin hij Hem dankt dat Hij niet bestaat. Een enorme opluchting, want er is dus ook geen opperrechter die ervoor zorgt dat beulen hun gerechtvaardigde straf niet ontlopen, maar tegelijk een bijzonder ontnuchterend besef: er IS geen God, er IS geen rechtvaardigheid, alleen de redeloosheid regeert. Die combinatie van opluchting en ontnuchtering vind ik echt geniaal beschreven, en nog genialer vind ik hoe Tišma ons allerlei nuances laat zien in het gevoelsleven van een beul ZONDER over dat gevoelsleven te oordelen.
Dat laatste doet Tišma in De Kapo misschien zelfs nog briljanter. Deze roman gaat over Lamian, een Jood die vlak voor en tijdens WO II steeds probeerde te ontsnappen aan zijn Joodse identiteit, puur om te overleven. In Auschwitz doet hij dat door 'Kapo' te worden: een gevangene die net als alle anderen elk moment gedood kan worden, maar die als een soort bediende van de SS wel extra rechten heeft. Rechten die hij verdient door medegevangenen te martelen, te verkrachten en te vermoorden. Tišma laat op echt briljante wijze zien hoe Lamian geleidelijk aan op dit 'slechte pad' terechtkomt, en ook hoe sluipenderwijs dit gebeurt. Tišma oordeelt wederom niet: hij toont en analyseert. En wel zo precies dat je, tot je grote schrik, ergens ook BEGRIJPT hoe Lamian tot zijn gruweldaden is gekomen. 'Begrijpen' is zeker niet hetzelfde als 'goedpraten': daarvoor zijn de gruweldaden te gruwelijk, en daarvoor zijn de gefrustreerde machtsfantasieen van Lamian te weerzinwekkend, hoe begrijpelijk de achterliggende frustratie ook is. Maar Tišma beschrijft de doodsangst en de 'Joodse zelfhaat' van Lamian zo precies dat je het als lezer, ondanks al je weerzin, ook gelooft. En hij beschrijft de naakte overlevingsdrift zo overtuigend dat je ook die, ondanks al je afschuw, kunt navoelen. Ook schetst Tišma op bloedstollende wijze de wurgende wroeging van Lamian na WO II: wroeging vermengd met zelfhaat vermengd met panische terugkerende angst, en vooral ook met het besef dat hij nooit van zijn wroeging zal worden verlost.
In discussies over 'goed' en 'fout' tijdens WO II wordt wel vaker gezegd dat we niet te snel moeten oordelen. En ook dat we nooit zeker weten of we zelf in bepaalde situaties niet ook 'foute' keuzes zouden kunnen maken. Volgens mij zijn dat waarheden als koeien. Maar tegelijk blijven dit soort waarheden vaak nogal abstract. De verdienste van Tišma is dan dat hij deze waarheden concreet maakt, door alle diepten en nuances te peilen in een personage dat vreselijk 'fout' is en door tegelijk te laten zien hoe begrijpelijk het helaas is dat dit personage zo enorm in de fout gaat. Hij laat ons meevoelen met iemand die we liever niet zouden willen kennen, hij wekt ons begrip voor een gedachtewereld die we eigenlijk niet willen begrijpen, hij nodigt ons uit onbevooroordeeld te kijken naar iemand die we met alle kracht zouden willen veroordelen. We vergeven Lamian niet - logisch ook, want Lamian vergeeft zichzelf niet-, en voelen ook geen sympathie voor hem - logisch ook, want hij is een abjecte zak. Maar we kunnen hem deels wel begrijpen en aanvoelen. Ondanks onszelf.
Een groot schrijver, die Tišma. Gruwelijk, maar groot. Ik ben blij dat ik hem gelezen heb. Melden
In mijn eerdere blog schreef ik al dat Tišma heel genuanceerd en invoelbaar schrijft over zowel beulen als slachtoffers, zodat 'goed' en 'kwaad' uitermate relatieve begrippen worden. In vooral De school van de goddeloosheid en De Kapo doet hij dat opnieuw, met werkelijk genadeloze precisie en diepgang. Het titelverhaal uit De school van de goddeloosheid is zo'n beetje het meest ijzingwekkende verhaal dat ik ken, omdat het een martelaar en beul van binnenuit beschrijft en ons helemaal onderdompelt in de gruwelen die hij veroorzaakt en de vertwijfeling in zijn eigen hoofd. Vertwijfeling die culmineert in een barok gebed tot God, waarin hij Hem dankt dat Hij niet bestaat. Een enorme opluchting, want er is dus ook geen opperrechter die ervoor zorgt dat beulen hun gerechtvaardigde straf niet ontlopen, maar tegelijk een bijzonder ontnuchterend besef: er IS geen God, er IS geen rechtvaardigheid, alleen de redeloosheid regeert. Die combinatie van opluchting en ontnuchtering vind ik echt geniaal beschreven, en nog genialer vind ik hoe Tišma ons allerlei nuances laat zien in het gevoelsleven van een beul ZONDER over dat gevoelsleven te oordelen.
Dat laatste doet Tišma in De Kapo misschien zelfs nog briljanter. Deze roman gaat over Lamian, een Jood die vlak voor en tijdens WO II steeds probeerde te ontsnappen aan zijn Joodse identiteit, puur om te overleven. In Auschwitz doet hij dat door 'Kapo' te worden: een gevangene die net als alle anderen elk moment gedood kan worden, maar die als een soort bediende van de SS wel extra rechten heeft. Rechten die hij verdient door medegevangenen te martelen, te verkrachten en te vermoorden. Tišma laat op echt briljante wijze zien hoe Lamian geleidelijk aan op dit 'slechte pad' terechtkomt, en ook hoe sluipenderwijs dit gebeurt. Tišma oordeelt wederom niet: hij toont en analyseert. En wel zo precies dat je, tot je grote schrik, ergens ook BEGRIJPT hoe Lamian tot zijn gruweldaden is gekomen. 'Begrijpen' is zeker niet hetzelfde als 'goedpraten': daarvoor zijn de gruweldaden te gruwelijk, en daarvoor zijn de gefrustreerde machtsfantasieen van Lamian te weerzinwekkend, hoe begrijpelijk de achterliggende frustratie ook is. Maar Tišma beschrijft de doodsangst en de 'Joodse zelfhaat' van Lamian zo precies dat je het als lezer, ondanks al je weerzin, ook gelooft. En hij beschrijft de naakte overlevingsdrift zo overtuigend dat je ook die, ondanks al je afschuw, kunt navoelen. Ook schetst Tišma op bloedstollende wijze de wurgende wroeging van Lamian na WO II: wroeging vermengd met zelfhaat vermengd met panische terugkerende angst, en vooral ook met het besef dat hij nooit van zijn wroeging zal worden verlost.
In discussies over 'goed' en 'fout' tijdens WO II wordt wel vaker gezegd dat we niet te snel moeten oordelen. En ook dat we nooit zeker weten of we zelf in bepaalde situaties niet ook 'foute' keuzes zouden kunnen maken. Volgens mij zijn dat waarheden als koeien. Maar tegelijk blijven dit soort waarheden vaak nogal abstract. De verdienste van Tišma is dan dat hij deze waarheden concreet maakt, door alle diepten en nuances te peilen in een personage dat vreselijk 'fout' is en door tegelijk te laten zien hoe begrijpelijk het helaas is dat dit personage zo enorm in de fout gaat. Hij laat ons meevoelen met iemand die we liever niet zouden willen kennen, hij wekt ons begrip voor een gedachtewereld die we eigenlijk niet willen begrijpen, hij nodigt ons uit onbevooroordeeld te kijken naar iemand die we met alle kracht zouden willen veroordelen. We vergeven Lamian niet - logisch ook, want Lamian vergeeft zichzelf niet-, en voelen ook geen sympathie voor hem - logisch ook, want hij is een abjecte zak. Maar we kunnen hem deels wel begrijpen en aanvoelen. Ondanks onszelf.
Een groot schrijver, die Tišma. Gruwelijk, maar groot. Ik ben blij dat ik hem gelezen heb. Melden
Jarig en met e-reader!
24-05-2012 om 18:13:14
Ik ben jarig vandaag, en dat leverde weer de nodige attente felicitaties vanuit Dizzie op. Bedankt, mijn dag is weer goed!
Dat was-ie trouwens al, want het weer is geweldig. Bovendien krijgt een mens op zijn verjaardag ook cadeaus, en mijn dierbaren zijn goed gedresseerd: allemaal gerelateerd aan boeken. Dus boeken, boekenbonnen.... maar ook een e-reader!
Dat was een verrasing, en ik had er ook niet om gevraagd. Ik had ook niet zo'n scherp beeld van de voordelen. Maar mensen, wat geweldig, zo'n ding! Ik wist al wel dat je er -tig boeken op kunt plempen, wat dan enorm scheelt in boekenkastruimte en reiskoffergewicht. Ik wist ook wel dat je heel simpel woorden kunt opzoeken door ze in het scherm met een pennetje aan te tikken en dat je, eveneen door woorden aan te tikken, notities kunt maken of kunt googelen en Wikipediaen. Maar ik wist niet hoe geweldig MAKKELIJK en LEUK dat is. Ik wist ook niet hoe belachelijk goedkoop met name de Engeltalige downloadboeken soms zijn: allerlei Dickensen en Henry James- boeken voor 3.99 per stuk, het verzameld werk van Jane Austen voor 2.99. Bij Dickens en VOORAL James (en dan vooral zijn laatste drie romans) heb ik altijd schrik voor de taal: allemaal prachtig, maar dat gezoek in woordenboeken vermoeit mij. Maar op een e-reader is dat een fluitje van een cent, en kan ik alle zinnen (zelfs alle woorden) die mij opvallen nog annoteren ook! Henry James is echt helemaal GEKNIPT voor e-reader! En Dickens eigenlijk ook!
Werelden gaan kortom voor mij open, en ik vermaak mij dolletjes! Melden
Dat was-ie trouwens al, want het weer is geweldig. Bovendien krijgt een mens op zijn verjaardag ook cadeaus, en mijn dierbaren zijn goed gedresseerd: allemaal gerelateerd aan boeken. Dus boeken, boekenbonnen.... maar ook een e-reader!
Dat was een verrasing, en ik had er ook niet om gevraagd. Ik had ook niet zo'n scherp beeld van de voordelen. Maar mensen, wat geweldig, zo'n ding! Ik wist al wel dat je er -tig boeken op kunt plempen, wat dan enorm scheelt in boekenkastruimte en reiskoffergewicht. Ik wist ook wel dat je heel simpel woorden kunt opzoeken door ze in het scherm met een pennetje aan te tikken en dat je, eveneen door woorden aan te tikken, notities kunt maken of kunt googelen en Wikipediaen. Maar ik wist niet hoe geweldig MAKKELIJK en LEUK dat is. Ik wist ook niet hoe belachelijk goedkoop met name de Engeltalige downloadboeken soms zijn: allerlei Dickensen en Henry James- boeken voor 3.99 per stuk, het verzameld werk van Jane Austen voor 2.99. Bij Dickens en VOORAL James (en dan vooral zijn laatste drie romans) heb ik altijd schrik voor de taal: allemaal prachtig, maar dat gezoek in woordenboeken vermoeit mij. Maar op een e-reader is dat een fluitje van een cent, en kan ik alle zinnen (zelfs alle woorden) die mij opvallen nog annoteren ook! Henry James is echt helemaal GEKNIPT voor e-reader! En Dickens eigenlijk ook!
Werelden gaan kortom voor mij open, en ik vermaak mij dolletjes! Melden
Carlos Fuentes overleden
16-05-2012 om 08:50:27
Zo ergens tussen allerlei heftige berichten over Griekenland, het nakende einde van de eurozone en allerlei economische euvelen, valt mij ineens het bericht op dat de Mexicaanse auteur Carlos Fuentes op 83-jarige leeftijd is overleden. Fuentes: generatiegenoot van Marquez, Cortazar, Vargas Llosa, en in Duitsland even vaak gelezen als deze gigantische conculega-auteurs. Maar in Nederland om een of andere reden minder bekend. En dat is jammer.
Toegegeven, de laatste jaren (eh... tientallen jaren) schreef hij naar mijn smaak enorme rotzooi: te kitscherig en sentimenteel naar mijn idee, met een boodschap die er duimendik bovenop lag en ook nog eens honderd keer werd uitgelegd. Dat tenminste vond ik zelf bij een aantal van zijn laatste boeken: de meeste las ik niet meer, want uit de kritieken maakte ik op dat hij helaas een soort van negatief vormbehoud toonde.
Maar jongens, zijn vroegere boeken.... De dood van Artemio Cruz vooral, volgens velen zijn meesterwerk, waarin op caleidoscopische wijze - en vanuit meerdere perspectieven - wordt verteld over de verblinding en wurgende eenzaamheid van een Mexicaanse vrijheidsstrijder die tot potentaat verwordt. Een boek dat door zijn complexe vorm en grillige stijl op m.i. geweldige wijze voelbaar maakt hoe Mexico een tijd lang geregeerd werd door chaos, irrationele passie en geweld. Een boek ook dat naar mijn smaak niet minder is dan b.v. De oorlog van het einde van de wereld van Vargas Llosa, en dat mij bijna even sterk meesleepte als Honderd jaar eenzaamheid. Andere boeken (The old gringo, Distant Relations, en De kop van de hydra) hadden in mijn beleving niet hetzelfde torenhoge niveau, maar ik heb ze niettemin met heel veel plezier gelezen. In mijn boekenkast staat ook al tijden het monumentale Terra Nostra in Engelse vertaling, een boek dat door Kundera de hemel in is geprezen. Ik ben er nog niet aan toegekomen, maar het zal er ooit van gaan komen: misschien is het maar half zo goed als Artemio Cruz, maar dan nog loont het de moeite!
Het zou ook nog kunnen zijn dat De dood van Artemio Cruz een geisoleerde piek is in Fuentes oeuvre en dat hij nooit meer dat niveau heeft gehaald. Ik weet dat niet, want ik ken lang niet alles van hem. Maar zelfs als hij de man is van slechts een enkel briljant boek, dan nog verdient hij onze bewondering en aandacht. Want dat boek is ook ECHT briljant.
Fuentes is gestorven. Dat is reden voor enige treurnis, zoals elk bericht van iemands dood. Maar laten we blij zijn met in elk geval dat ene geweldige boek dat hij heeft geschreven! Melden
Toegegeven, de laatste jaren (eh... tientallen jaren) schreef hij naar mijn smaak enorme rotzooi: te kitscherig en sentimenteel naar mijn idee, met een boodschap die er duimendik bovenop lag en ook nog eens honderd keer werd uitgelegd. Dat tenminste vond ik zelf bij een aantal van zijn laatste boeken: de meeste las ik niet meer, want uit de kritieken maakte ik op dat hij helaas een soort van negatief vormbehoud toonde.
Maar jongens, zijn vroegere boeken.... De dood van Artemio Cruz vooral, volgens velen zijn meesterwerk, waarin op caleidoscopische wijze - en vanuit meerdere perspectieven - wordt verteld over de verblinding en wurgende eenzaamheid van een Mexicaanse vrijheidsstrijder die tot potentaat verwordt. Een boek dat door zijn complexe vorm en grillige stijl op m.i. geweldige wijze voelbaar maakt hoe Mexico een tijd lang geregeerd werd door chaos, irrationele passie en geweld. Een boek ook dat naar mijn smaak niet minder is dan b.v. De oorlog van het einde van de wereld van Vargas Llosa, en dat mij bijna even sterk meesleepte als Honderd jaar eenzaamheid. Andere boeken (The old gringo, Distant Relations, en De kop van de hydra) hadden in mijn beleving niet hetzelfde torenhoge niveau, maar ik heb ze niettemin met heel veel plezier gelezen. In mijn boekenkast staat ook al tijden het monumentale Terra Nostra in Engelse vertaling, een boek dat door Kundera de hemel in is geprezen. Ik ben er nog niet aan toegekomen, maar het zal er ooit van gaan komen: misschien is het maar half zo goed als Artemio Cruz, maar dan nog loont het de moeite!
Het zou ook nog kunnen zijn dat De dood van Artemio Cruz een geisoleerde piek is in Fuentes oeuvre en dat hij nooit meer dat niveau heeft gehaald. Ik weet dat niet, want ik ken lang niet alles van hem. Maar zelfs als hij de man is van slechts een enkel briljant boek, dan nog verdient hij onze bewondering en aandacht. Want dat boek is ook ECHT briljant.
Fuentes is gestorven. Dat is reden voor enige treurnis, zoals elk bericht van iemands dood. Maar laten we blij zijn met in elk geval dat ene geweldige boek dat hij heeft geschreven! Melden
Aleksandar Tišma
30-04-2012 om 18:32:10
Groots, maar vergeten
In de jaren 80 werd de Servische schrijver Aleksandar Tišma veel gelezen en zeer geroemd: steevast werd hij in een adem genoemd met andere grote Midden-Europeanen als Kundera, Konrad, Hrabal, of met andere grote WO-II schrijvers als Levi, Kertesz en Semprun. Maar nu liggen al zijn boeken in de ramsj, en niemand die meer hem kent.... Op internet trof ik onlangs nog een artikel waarin zijn werk even onvergetelijk wordt genoemd als dat van Danilo Kiš: o ironie van het lot, want dat is een van mijn grote helden, maar ook DIENS werk ligt in de ramsj.
Ik heb recentelijk een stapeltje Tišma gekocht voor een paar luttele eurietjes: Het boek Blam, Het gebruik van de mens, Argwaan en vertrouwen, De school van de goodeloosheid en De Kapo. De eerste twee van die boeken heb ik nu uit, en vooral van het tweede ben ik zeer onder de indruk. Ik ben wel vaker juichend over boeken, maar HIER schieten superlatieven mij echt tekort.
Het gebruik van de mens gaat zoals alle boeken van Tišma over de gaten die WO II heeft geslagen in het multinationale Novi Sad, een stad met Joden, Hongaren, Duitsers en Servo-Kroaten. Een boek, kan je zeggen, over de holocaust. Het kenmerkende van dit boek is dat Tišma, zonder te oordelen of te verklaren, in de hoofden kruipt van vervolgden EN vervolgers, waarbij hij op werkelijk geniale wijze je laat meevoelen met die vervolgers EN met de vervolgden, ook in hun slechte en kleine kanten. Tišma schrijft volkomen illusieloos en juist daardoor heel genuanceerd, want ´goed´ en ´kwaad´ zijn bij hem relatieve begrippen. Hij laat je als lezer even goed meevoelen met het leed van een beul als met het leed van een slachtoffer, en is even genuanceerd over de begrijpelijke angsten die de beul maken tot wie hij is als over de angsten en agressie die van de slachtoffers soms toch ook een beetje een beul maken. En dat alles doet hij dan in zinnen die je keel helemaal dichtschroeven. Nooit gedacht dat ik tranen in mijn ogen zou krijgen bij de zieleroerselen van een SS-er, maar Tišma is het gelukt. Nooit gedacht dat ik evenveel deernis als bewondering als irritatie zou voelen bij een belezen Joods slachtoffer, maar Tišma is het gelukt. Nooit gedacht dat ik met iemand zou kunnen meevoelen die van wanhopige klaploper tot collaborateur tot partizanenstrijder tot wanhopige klaploper evolueert, maar Tišma krijgt het voor elkaar. Nooit gedacht dat ik een echtpaar sympathiek zou vinden hoewel beide echtelieden elkaar misbruiken en tamelijk liefdeloos behandelen, maar Tišma flikt het. En hoe die man de totale mentale onttakeling weet te beschrijven van iemand die als ´Feldhure´ de kampen heeft overleeft... ongelofelijk.
In extreme omstandigheden kunnen we allemaal slachtoffer en dader tegelijk zijn, zo lijkt Tišma te denken. In tijden van oorlog is onze moraal volkomen poreus, en worden we dankzij onze eigen acties en onvermoede angsten geconfronteerd met de ruines van ons wereldbeeld. We zijn allemaal kleiner en laffer dan we zouden willen. We maken allemaal dan verkeerde keuzes waar we dan weer spijt van hebben, of tot onze schande juist helemaal niet. En toch verdienen we daar allemaal ook elkaars begrip voor. Dat is althans Tišma´s boodschap, in mijn beleving. Geen vrolijke boodschap, maar hij is wel geniaal opgeschreven. Primo Levi is een groot schrijver omdat hij liet zien hoe zelfs in Auschwitz toch nog een zekere mate van menselijke waardigheid mogelijk was. Tišma is naar mijn smaak een zelfs nog groter schrijver, omdat hij onze compassie weet op te roepen met mensen die hun waardigheid helemaal hebben verloren.
Wat een geweldige schrijver. Ik ga alles van hem lezen. Melden
Ik heb recentelijk een stapeltje Tišma gekocht voor een paar luttele eurietjes: Het boek Blam, Het gebruik van de mens, Argwaan en vertrouwen, De school van de goodeloosheid en De Kapo. De eerste twee van die boeken heb ik nu uit, en vooral van het tweede ben ik zeer onder de indruk. Ik ben wel vaker juichend over boeken, maar HIER schieten superlatieven mij echt tekort.
Het gebruik van de mens gaat zoals alle boeken van Tišma over de gaten die WO II heeft geslagen in het multinationale Novi Sad, een stad met Joden, Hongaren, Duitsers en Servo-Kroaten. Een boek, kan je zeggen, over de holocaust. Het kenmerkende van dit boek is dat Tišma, zonder te oordelen of te verklaren, in de hoofden kruipt van vervolgden EN vervolgers, waarbij hij op werkelijk geniale wijze je laat meevoelen met die vervolgers EN met de vervolgden, ook in hun slechte en kleine kanten. Tišma schrijft volkomen illusieloos en juist daardoor heel genuanceerd, want ´goed´ en ´kwaad´ zijn bij hem relatieve begrippen. Hij laat je als lezer even goed meevoelen met het leed van een beul als met het leed van een slachtoffer, en is even genuanceerd over de begrijpelijke angsten die de beul maken tot wie hij is als over de angsten en agressie die van de slachtoffers soms toch ook een beetje een beul maken. En dat alles doet hij dan in zinnen die je keel helemaal dichtschroeven. Nooit gedacht dat ik tranen in mijn ogen zou krijgen bij de zieleroerselen van een SS-er, maar Tišma is het gelukt. Nooit gedacht dat ik evenveel deernis als bewondering als irritatie zou voelen bij een belezen Joods slachtoffer, maar Tišma is het gelukt. Nooit gedacht dat ik met iemand zou kunnen meevoelen die van wanhopige klaploper tot collaborateur tot partizanenstrijder tot wanhopige klaploper evolueert, maar Tišma krijgt het voor elkaar. Nooit gedacht dat ik een echtpaar sympathiek zou vinden hoewel beide echtelieden elkaar misbruiken en tamelijk liefdeloos behandelen, maar Tišma flikt het. En hoe die man de totale mentale onttakeling weet te beschrijven van iemand die als ´Feldhure´ de kampen heeft overleeft... ongelofelijk.
In extreme omstandigheden kunnen we allemaal slachtoffer en dader tegelijk zijn, zo lijkt Tišma te denken. In tijden van oorlog is onze moraal volkomen poreus, en worden we dankzij onze eigen acties en onvermoede angsten geconfronteerd met de ruines van ons wereldbeeld. We zijn allemaal kleiner en laffer dan we zouden willen. We maken allemaal dan verkeerde keuzes waar we dan weer spijt van hebben, of tot onze schande juist helemaal niet. En toch verdienen we daar allemaal ook elkaars begrip voor. Dat is althans Tišma´s boodschap, in mijn beleving. Geen vrolijke boodschap, maar hij is wel geniaal opgeschreven. Primo Levi is een groot schrijver omdat hij liet zien hoe zelfs in Auschwitz toch nog een zekere mate van menselijke waardigheid mogelijk was. Tišma is naar mijn smaak een zelfs nog groter schrijver, omdat hij onze compassie weet op te roepen met mensen die hun waardigheid helemaal hebben verloren.
Wat een geweldige schrijver. Ik ga alles van hem lezen. Melden
Krabbel Sini

MeldenCharlotte, 21-04-2013 om: 16:33:15

Wat heb je weer voortreffelijke recnesies geschreven zowel over het 'Dagboek' van Frisch als over 'Nultijd' van Julie Zeh. Nultijd ben ik net aan het lezen. Jouw recensie zorgt ervoor dat ik me meer op bepaalde onderdelen ga concentreren.
MeldenCharlotte, 01-04-2013 om: 21:11:35

Gantenbein heb ik hoor nog als luisterboek in het Duits. Misschien is het geen boek om te luisteren, maar dat zie ik dan wel. Desnoods haal ik het in de bieb als gewoon leesboek.
MeldenCharlotte, 01-04-2013 om: 20:32:57

ik heb jaaaaaaren geleden ook enorm genoten van Frisch's dagboeken en 'Stiller' natuurlijk. Maar dat boek lees je al.
MeldenCharlotte, 01-04-2013 om: 19:04:58

Wat goed dat je 'Homo Faber' in het Duits gelezen hebt. Lijkt me voor iemand die niet van oorsprong duitstalig is toch niet zo makkelijk. Fantastisch boek.
Melden
BOEKEN
Krabbels aan Sini
rina20, 13-05-2013 om: 21:31:24



