Van Jiang Rong
Romans
447 pagina's
De belangstelling voor het Verre Oosten neemt de laatste jaren enorm toe. Voormalige dictaturen ontpoppen zich als kapitalistische giganten. Het Westen is bang voor China, organisator van de Olympische Spelen in 2008. Uit China komt nu de prachtige roman Wolventotem van een tot voor kort anonieme schrijver. Jiang Rong is het pseudoniem van een Chinese hoogleraar politieke economie. Hij won met dit boek in China verschillende prijzen, waaronder de prestigieuze Man Asian Literary Prize voor het beste Aziatische boek van het jaar. Wolventotem is een geschiedenis over het leven van mensen en wolven op de steppen van Mongolië. Chen Zhen is twintig als hij tijdens de Culturele Revolutie het drukke Beijing verlaat voor de steppen van Mongolië. Hij raakt geïntrigeerd door het eenvoudige plattelandsleven waarin mensen en wolven al eeuwenlang in een onderlinge strijd met elkaar samenleven in hun drift om te overleven. Wolven blijken wreedheid te koppelen aan een sterke onderlinge loyaliteit en opofferingsgezindheid. Als vanuit de steden andere mensen oprukken naar het platteland en ze de productiviteit van de afgelegen graslanden willen verhogen, wordt het evenwicht tussen mens en wolf verstoord, met dramatische gevolgen. Wolventotem is een roman, een toegewijd verslag van de menselijke geest en een filosofische parabel in één. Het is een magistraal boek, waarin het verhaal van de wolf wordt gebruikt om te reflecteren op de ontwikkeling van de menselijke samenleving.
Uitgever: PrometheusISBN: 9789044608458
Toegevoegd door Delphi
4,75 / 4 stemmen

Helaas ook een uitgelezen kans om te leren hoe de mens zijn eigen leefomgeving naar de donder helpt door 'schadelijke dieren' uit te roeien.

Dit boek heeft me geraakt, het is soms gruwelijk, soms prachtig. Het doet je weer eens beseffen hoe weinig kennis er nog lijkt te zijn van het nodige evenwicht in de natuur, hoe weinig respect er kan zijn voor die natuur alsook voor een andere cultuur, leefwijze en hoe medogenloos en onnadenkend wij ermee om gaan, ook al zijn wij diezelfde natuur.
Het boek geeft uiteindelijk inderdaad een gevoel van verlies.

Het is zo nu en dan gruwelijk, het beschrijft het (echt) keiharde overleven van mensen en dieren op de mongoolse steppen. Je leest niet alleen over het 'grote en het kleine leven'.. je beleeft het, je voelt het.. misschien niet in het begin, maar met de pagina ga je het meer beleven.
Prachtig zoals de religie of filosofie of - zo je wilt - de symboliek van het nomaadse volk ervoor zorgt dat de steppe de steppe blijft.. hoe het mogelijk is om je grootste vijand, ook als je grootste medestander, zelfs totem te beschouwen.
Deze nomaadse religie/filosofie in zijn context, in zijn tijd heeft zin... zoveel zin dat het werkt voor allemaal.. de mensen, de wolven, de gazellen, het gras, de muizen, de koeien, schapen en paarden van de nomaden.... alles houdt elkaar in evenwicht.
Totdat de mens, in dit geval de (han-)chinezen het eigenlijk allemaal maar jammer vinden .. zo weinig mensen, zoveel land... dat moet beter kunnen ... hoe dat 'beter' in zijn werk gaat en wat de gevolgen zijn, moet iedereen zelf maar tot zich nemen.
Ik bleef aan het eind van het boek over met een gevoel van verlies.... verlies op allerlei niveau's, omdat het ook op zoveel niveau's in het boek aan de orde komt... van het verlies van de zwanen, de wolvenwelp, de wolvenroedels, de gazellen, het gras, het leven...
En boosheid.... ook boosheid.... om datzelfde verlies.
Het is inmiddels al een tijdje geleden dat ik het boek uitgelezen heb en helemaal nu ik dit schrijf voel ik het verdriet en die boosheid weer opkomen, maar ik draag het eigenlijk al die tijd al mee en kan het niet uit mijn gedachten zetten.... wil het ook eigenlijk niet.