Van Dave Eggers
Romans
463 pagina's
'Wat is de Wat' is een fictionele autobiografie geschreven vanuit het perspectief van Valention Achak Deng, een jongen die vluchteling wordt in het door oorlog verscheurde Zuid-Soedan. Zijn reis, te voet, samen met honderden andere 'lost boys' is er een van bijna bijbelse proporties: het brengt hem in contact met vijandelijke soldaten, rebellen, hyena's een leeuwen, ziekte en hongersnood, en de dodelijke murahaleen - dezelfde milities die op dit moment Darfur teisteren. Valentino verblijft in vluchtelingenkampen, weet niets over het lot van zijn ouders en andere familieleden, verliest tijdens zijn vlucht vele vrienden en kan op de dag van zijn vertrek naar Amerika niet vliegen: het is 11 september 2001.... Voor hen die denken alles te weten over de oorlog in Soedan is dit boek een eye opener, en voor hen die denken het werk van Dave Eggers te kennen, is dit boek een totale ommezwaai: het is een rechttoe rechtaan geschreven, compromisloos, humoristisch en avontuurlijk boek over de waanzin van de oorlog. Eggers heeft vier jaar aan deze roman gewerkt en was gedurende die tijd diep betrokken bij de gemeenschap van gevluchtte Soedanezen in de VS. In 2003 reisde hij met Valentino Achak Deng af naar Zuid-Soedan, waar Deng werd herenigd met zijn familie, die hij zeventien jaar niet had gezien. 'Wat is de Wat' is een epische roman over de burgeroorlog in Soedan, gezien door de ogen van een jongen. Het biedt een onthullend en ontluisterend portret van een land in staat van bloederige oorlog, en van een jongen die van de ene in de andere onwerkelijke situatie wordt gekatapulteerd. 'Wat is de Wat' is spraakmakend, opwindend en herhaaldelijk hartverscheurend - een onmisbaar boek.
Uitgever: Rotschild & BachISBN: 9789049950484
Toegevoegd door Puk
4,38 / 24 stemmen



Door dit boek ben ik iets meer gaan begrijpen van de tragedie, deze humanitaire ramp die zich heeft afgespeeld in Soedan. Het land is verdeeld door diverse etnische en religieuze verschillen, zo is het noorden is overwegend islamitisch, in het zuiden wonen de Afrikanen die vaak tot het christendom zijn bekeerd. Toen de regering in het noorden de sharia, de islamitische wetgeving wilde invoeren in het hele land kwam het zuiden daartegen in opstand. En dan is er ook nog de strijd om de oliebelangen.
De regering in het Khartoum bewapent dan de murahaleen,( Arabische troepen) om te strijden tegen de rebellen, inmiddels verenigd in het bevrijdingsleger SPLA. Deze murahaleen hebben het echter vooral op de burgerbevolking gemunt en ook Marial Bai en Achaks familie lijdt hieronder.
Het brengt gruwelijke en onbegrijpelijke, maar ook onvergetelijke beelden: het slapen in een kring, een leeuw die een van de jongens opeet, de verschijning van een blanke man (uitgewiste of binnenstebuitengekeerde man),het overzwemmen van de rivier, de prinsesjes van Pinyudo, de grote rouw bij de dood van prinses Di, de gewèldige Japanse hulpverlener Noriyaki etc.
Ook boeiend is de inkijk die je krijgt in het leven in de vluchtelingenkampen, het werk van de VN en de UNHCR. Verschrikkelijk natuurlijk maar toch ook best goed georganiseerd.
‘Wat is de Wat? vroeg de eerste mens. En God antwoordde: ‘Dat kan ik niet zeggen. Maar toch moeten jullie kiezen. Jullie moeten kiezen tussen het vee en de Wat’ Nou goed. De man en de vrouw zagen het vee – het stond voor hun neus – en ze wisten dat ze met dat vee een goed leven en genoeg te eten zouden hebben…..Dus besloten de eerste man en de eerste vrouw dat ze wel gek zouden zijn om het vee op te geven voor die onbekende Wat….En omdat de eerste mens inzag wat de beste keus was, heeft God ons toegestaan te gedijen. De Dinka leven en groeien, net zoals hun vee leeft en groeit…….Ik had het verhaal over het vee en de Wat al vaak gehoord, maar het einde was altijd anders geweest. In de versie die mijn vader mij altijd vertelde, had God de Wat aan de Arabieren gegeven, en dat was de reden dat de Arabieren minder waren dan wij. De Dinka kregen het vee en de Arabieren hadden geprobeerd het te stelen’
link

Vanuit zijn nieuwe vaderland blikt Achak terug op zijn leven vanaf het moment dat de gewelddadigheden een aanvang namen. Hij doet dit op momenten die hem hiervoor de gelegenheid geven. Zo vertelt hij het begin van zijn verhaal tijdens een overval op zijn flat. Terwijl zijn woning wordt leeggehaald, richt hij zich in gedachten tot de jongen Michael die hem bewaakt. Later vertelt hij verder in de wachtkamer van een ziekenhuis. Dan wordt, opnieuw in gedachten, de receptionist deelgenoot van zijn belevenissen gemaakt. Zo krijgt de lezer een inkijkje in de gedachtewereld van de hoofdpersoon, een buitengewoon aimabel man, godvrezend en altijd bereid zich in te leven in degenen die hem van alles aandoen. Dat mag, zo opgeschreven, enigszins ongeloofwaardig lijken, maar Eggers is een van de beste Amerikaanse auteurs van dit moment en hij weet je feilloos te brengen waar hij je als lezer wil hebben: op het puntje van de stoel.
Wat opvalt is de lichte toon waarvan Eggers zich bedient. Bij tijd en wijle is het vreselijk wat mensen elkaar aandoen, maar het wordt zo verteld dat de lezer geen moment op het idee komt af te haken. Ook opvallend is de traditionele verteltrant, heel anders dan de manier waarop Eggers zich in zijn eerste romans presenteerde: als een jonge hond. Zo laat Eggers de lezer kennismaken met mensen in een van de vele probleemgebieden in de wereld, waar geloof, etniciteit en ook de aanwezigheid van delfstoffen het leven van miljoenen bepalen. Daarmee wordt dit boek een beschrijving van een universeel probleem en dat bepaalt mede het belang van dit geweldige boek.
